01
Waarom dit, waarom nu
Op 1 juli van dit jaar veranderde er iets in Nederland dat weinig aandacht kreeg en veel betekent. In gebieden waar het stroomnet vol zit, kunnen sinds die datum ook huishoudens en kleine bedrijven op een wachtlijst komen voor een nieuwe of zwaardere aansluiting. Rond Eindhoven en Utrecht wachten alle nieuwe aanvragen. Voor grote afnemers was dat al jaren de praktijk; voor een gezin dat een warmtepomp wil, of een bakker die een extra oven kwijt moet, is het nieuw.
Een aansluiting op het elektriciteitsnet was in Nederland een eeuw lang een formaliteit. Het is nu een schaars goed met een wachtrij. Dat is de meest concrete uiting van iets dat wereldwijd speelt, en het is de reden dat dit dossier over stroom uiteindelijk over strategie gaat.
Er is dit jaar nog iets veranderd, en dat gaat de andere kant op. De julieditie sloot af met een lijst waarnemingspunten. Het eerste zei: let op de wereldwijde aanleg van zonnestroom, want een jaar onder de officiële prognose van een plateau van 540 GW zou echt nieuws zijn.
Er brak dit jaar inderdaad iets, en dat was het niet. Na een record van 664 GW in 2025 verwachten voorspellers voor 2026 de eerste jaarlijkse krimp in meer dan twintig jaar, naar zo'n 649 GW. Dat is een daling ten opzichte van 2025 en het ligt nog altijd ruim bóven het plateau van 540. De reeks van groei brak. De reeks van het verslaan van de prognose niet, en hoofdstuk 5 gaat erover waarom wij een toets hadden opgezet die die twee niet uit elkaar kon houden. De oorzaak van de krimp ligt bovendien vrijwel volledig in één land. De Chinese aanleg lag van januari tot en met mei bijna 70 procent onder dezelfde periode vorig jaar, na een beleidswijziging die nieuwe zonne- en windprojecten naar een ander financieringsstelsel bracht.
Een dossier waarvan de meest gedeelde grafiek een instituut belachelijk maakte om een voorspelde stagnatie, is het aan zijn lezers verplicht om zorgvuldig te zijn zodra de groei alsnog stopt. Hoofdstuk 5 is dat verhaal, en de korte versie is dat wij een krimp door beleid in één markt iets anders vinden dan een leercurve die breekt.
02
Inhoud
1. De goedkoopste energie ooit
2. Het batterijdecennium
3. De exportmachine
4. AI eet het net op
5. Het kerkhof van de voorspellingen, en de bezoeker van dit jaar
6. Het Nederlandse net
7. Energie als strategie
8. Waar wij het mis kunnen hebben
9. Waar wij op letten
10. Verantwoording en bronnen
03
1. De goedkoopste energie ooit
Het fundament, uitgebreid onderbouwd in ons dossier over exponentiële groei en hier als gegeven aangenomen: zonnestroom ging van $101 per watt in 1976 naar ongeveer 11 cent in 2024, een daling van 20 à 23 procent bij elke verdubbeling van de totale geproduceerde hoeveelheid. Dat is de wet van Swanson, en het is een verband tussen volume en prijs, geen verband tussen beleid en prijs.
Wat het energievervolg toevoegt is wat die curve met de markt deed. Zonnestroom is negentien jaar op rij de snelst groeiende elektriciteitsbron, en in zonnige markten lijkt nieuwe zonnestroom inmiddels goedkoper dan het draaiend houden van bestaande fossiele centrales. Het gevolg komt in vormen die op een Europees bedrijventerrein nog exotisch ogen: velden die zich in een handvol jaren terugbetalen, panelen als schuttingmateriaal omdat het paneel het goedkope deel is geworden, en energiecentrales in een zeecontainer die zich als meubilair laten uitvouwen.
Wordt iets goedkoop genoeg, dan houdt het op infrastructuur te zijn en wordt het uitrusting. Die omkering, stroom als iets dat je neerzet in plaats van iets waarvoor je een aanvraag indient, is de stille lijn die wij door dit dossier trekken, en in hoofdstuk 6 houdt ze op een beeldspraak te zijn.
04
2. Het batterijdecennium
Goedkope panelen waren nooit het hele antwoord, want de zon houdt kantooruren. De jaren twintig zijn het decennium waarin het opslagprobleem op elke schaal tegelijk begon op te lossen.
Eerst de kostenlijn. Lithium-ionpakketten daalden van ongeveer $1.460 per kilowattuur in 2010 naar zo'n $108 in 2025, met stationaire opslag al rond de $70. Bovenop die lijn stapelden 2025 en 2026 records met industriële eentonigheid. BYD toonde het grootste gelijkstroom-opslagblok ter wereld met 14,5 MWh per eenheid. China sloot de grootste vanadium-doorstroombatterij ter wereld aan, een scheikunde die gebouwd is voor lange duur op netschaal in plaats van voor auto's. Alleen al in juli 2025 registreerde China 1.556 nieuwe opslagprojecten, samen bijna 140 GWh aan pijplijn. En onderzoek in Nature Communications schat dat alleen al de accu's van elektrische auto's, geparkeerd en ingeplugd, rond 2030 de kortetermijnbehoefte aan netopslag zouden kunnen dekken.
De strategische betekenis van opslag verschilt van die van opwekking, en wij vinden het de moeite waard dat expliciet te maken. Goedkope panelen maakten stroom goedkoop om twaalf uur 's middags. Goedkope batterijen maken haar goedkoop wanneer het jou uitkomt, en dat verandert zonnestroom van een aanvulling in een basis. Het verandert bovendien flexibiliteit, dus wanneer je afneemt, opslaat en teruglevert, in een verhandelbaar bezit waar elk bedrijf met een dak en een meter mee kan spelen.
Merk op dat dit hoofdstuk niet wordt geraakt door alles wat in hoofdstuk 5 staat. Opslagkosten dalen op hun eigen curve, en het Nederlandse beleid heeft opslag net tot het meest bevoorrechte gemaakt wat je op een vol net kunt aansluiten.
05
3. De exportmachine
De Verenigde Staten exporteren intelligentie: modellen, chips, cloud. China exporteert elektrotech: panelen, batterijen, elektrische auto's, de machines van het elektrische tijdperk. Die symmetrie is wat ons betreft het kader dat dit decennium beloont, en ons dossier over de andere AI-race is de andere helft ervan.
China heeft een dominante positie in elke schakel van de zonneketen, vergelijkbare posities in accucellen, en beheerst de raffinage van de mineralen die onder allebei liggen. In 2024 maakten elektrische auto's, batterijen, zonne- en windproducten een record van 47 procent uit van de Chinese export naar het mondiale zuiden. Ember rapporteert Chinese panelen die markten van Pakistan tot Nigeria elektrificeren, en spreekt over de Chinese overcapaciteit als instrument van energiediplomatie.
Hoofdstuk 5 voegt hier een wending toe die de andere kant op werkt. Zwakke binnenlandse Chinese vraag drukt in 2026 de paneelprijzen, en fabriekscapaciteit die voor een binnenlandse hausse is gebouwd moet ergens heen. Voor een Europese koper is een Chinese vraaguitval een kopersmarkt. De afhankelijkheid die dit hoofdstuk beschrijft wordt daarmee goedkoper en, langs precies hetzelfde mechanisme, dieper.
06
4. AI eet het net op
Net toen het aanbod goedkoop werd, vond de vraag haar eigen exponentiële curve. De AI-bouwgolf is de grootste nieuwe elektriciteitsvraag van deze eeuw, en ze onderhandelt met netten die in decennia plannen.
Datacenters wereldwijd trekken volgens de meeste schattingen zo'n 500 TWh per jaar, ongeveer het totale verbruik van Duitsland, en het Internationaal Energieagentschap verwacht daar tegen 2030 bijna een verdubbeling van. De grootste locaties zijn het scherpste beeld: één campus passeerde begin 2026 de gigawattgrens en trekt daarmee meer dan Amsterdam, en Epoch AI meldt dat de rekenkracht op de grootste enkele locatie ongeveer elke zeven maanden verdubbelt, met bouwschema's die tot 2028 zijn gepubliceerd.
De beweging die wij het interessantst vinden is wat de AI-bouwers deden toen het net zei: sluit maar achteraan aan. Ze gingen eromheen. Ingenieurs publiceerden in december 2025 de rekensom voor zonnestroom met opslag naast het datacenter, waarmee de aansluitwachtrij volledig wordt overgeslagen. Google ging juist de andere kant op en maakte zijn datacenters tot netbezittingen die flexibel werk verschuiven naar momenten waarop stroom goedkoop is, iets waar netbeheerders om vragen omdat een flexibele gigawatt stabiliseert in plaats van belast. De heropleving van kernenergie is hetzelfde vraagsignaal in een andere techniek.
Stuk voor stuk is dat de les uit hoofdstuk 1 in de praktijk. Als stroom uitrusting is, bouw je haar waar je haar nodig hebt, en de eeuwenoude aanname dat vraag netjes wacht op het net sterft stilletjes uit.
07
5. Het kerkhof van de voorspellingen, en de bezoeker van dit jaar
Twee decennia lang voorspelde de gezaghebbendste energievoorspeller van de wereld dat zonnestroom zou afvlakken, en twee decennia lang klom de werkelijkheid over de lijn heen.
Het patroon is goed gedocumenteerd. De World Energy Outlook voorspelt sinds 2006 stagnatie; onderzoeker Auke Hoekstra maakte het ritueel bekend door elk jaar de vlakke voorspelling over de exponentiële werkelijkheid heen te leggen, en pv magazine meldde in april 2025 dat de vooruitzichten stelselmatig te laag uitvallen. De editie van 2025 hield de reeks in stand met een plateau van zo'n 540 GW per jaar tot 2035, een plafond onder wat de wereld in 2024 al had geïnstalleerd.
En toen kwam de stagnatie alsnog, om een heel andere reden.
De wereldwijde aanleg bereikte in 2025 een record van 664 GW. Voor 2026 raamt BNEF 649 GW, een daling van ongeveer 6 GW, en verwachten meerdere voorspellers de eerste jaarlijkse krimp in ruim twintig jaar. De oorzaak is aanwijsbaar: de Chinese aanleg kwam van januari tot en met mei uit op 59,59 GW, bijna 70 procent onder dezelfde periode een jaar eerder. De Chinese brancheorganisatie raamt 180 tot 240 GW voor heel 2026, tegen een record van 315 GW in 2025. De aanleiding werd in februari 2025 aangekondigd: nieuwe zonne- en windprojecten gingen over naar een stelsel waarin de vergoeding via een verschilcontract loopt, en de aanleg reageerde zoals aanleg reageert op een verandering in hoe projecten betaald krijgen.

Buiten China ziet het er anders uit. Daar wordt voor 2026 ongeveer 308 GW verwacht, met groei die aanhoudt en versnelling in India en Afrika.
Ik heb er langer over gedaan dan verwacht om vast te stellen wat het cijfer over 2025 nu eigenlijk was, en het antwoord hoort in de tekst en niet in een voetnoot. Brancheberichtgeving zet 2025 op 664 GW. De Chinese brancheorganisatie zet datzelfde jaar op 580 GW. Ik heb gezocht naar een derde bron om de knoop door te hakken en geen gevonden die onafhankelijk is van die twee. Dat is een verschil van 84 GW tussen twee geloofwaardige bronnen over een jaar dat al voorbij is, groter dan de hele jaarmarkt van welk land ook behalve China, en groter dan de daling waar iedereen het nu over heeft. Dat is geen schandaal: het weerspiegelt echte verschillen in wat je meetelt, wisselstroom of gelijkstroom, aansluiting of installatie, en hoeveel daken de statistiek van een land überhaupt ziet. Het betekent wel dat wij "de aanleg van zonnestroom daalt in 2026" lezen als een richting waarover voorspellers het eens zijn, en niet als een meting. Wij houden de exacte getallen los vast en de richting steviger.
Wat dit weerlegt. Het klakkeloos doortrekken van de aanleglijn. Wie een lijn door de jaarlijkse installaties trok en die vooruitschoof, en dat kon ook een lezer van onze julieditie zijn, trok een reeks door die net zo goed een beleidsartefact is als een technologiecurve. Aanleg is geen natuurconstante. Het is een investeringsbeslissing onder een regime dat overheden kunnen veranderen, en één overheid deed dat.
Wat dit niet weerlegt. De wet van Swanson, die een verband legt tussen totale geproduceerde hoeveelheid en kostprijs, niet tussen kalenderjaren en jaarlijkse toevoegingen. Paneelprijzen dalen nog steeds, en de zwakke Chinese vraag duwt ze verder omlaag, omdat de fabrieken niet verdwenen toen de binnenlandse vraag wegviel. Een leercurve weerleg je door kosten te laten stoppen met dalen, en dat is niet gebeurd.
En hier hoort eerlijkheid over onszelf bij. Onze julieditie nodigde lezers uit om een duik onder de vlakke lijn te lezen als nieuws dat de voorspeller in verlegenheid zou brengen. Die duik kwam, en hij brengt ons minstens zo in verlegenheid, want het voorspelde plateau en de krimp van 2026 hebben bijna niets met elkaar te maken. Het agentschap voorspelde stagnatie om structurele redenen en kreeg krimp om beleidsredenen, wat gelijk krijgen bij toeval is, en wij hadden een toets opgezet die dat als winst voor hun methode zou tellen. Dat was een slecht ontworpen toets. De betere toets is of de kostprijs blijft dalen met het volume, en op die toets staat de curve overeind.
08
6. Het Nederlandse net
Alles hierboven rust op één aanname: dat je kunt aansluiten. In Nederland faalt die aanname voor vijftienduizend bedrijven tegelijk, en sinds deze zomer niet alleen voor bedrijven.
Ongeveer 15.000 grootverbruikers staan in de rij voor een nieuwe of zwaardere aansluiting. De gemiddelde wachttijd voor een nieuwe kleine aansluiting liep in 2025 op tot 45 weken. TenneT waarschuwde in februari 2026 dat het net in Flevoland, Gelderland en Utrecht zijn absolute grens had bereikt. Sinds 1 juli geldt de wachtlijst ook voor huishoudens en kleinzakelijke afnemers in congestiegebieden, voor zover wij kunnen nagaan een primeur voor een ontwikkelde economie.
Het geld is navenant groot en is dit jaar naar boven bijgesteld. Netbeheerders moeten tussen 2026 en 2040 ongeveer €235 miljard in energie-infrastructuur investeren, waarvan de elektriciteitsnetten zo'n €32 miljard meer vragen dan eerder begroot. TenneT en de regionale beheerders investeren ruim €100 miljard tot 2030, en melden zelf dat de eerste echte verlichting rond 2027 tot 2028 komt, met regio's die tot 2030 à 2032 gesloten blijven voor grote nieuwe aansluitingen.
Twee ontwikkelingen van dit jaar maken hier strategie van in plaats van geklaag, en allebei kregen ze minder aandacht dan ze verdienen.
Ten eerste wordt voorrang op een vol net nu toegewezen in plaats van uitgezeten. Sinds 2026 zitten oplossingen die het net ontlasten, waaronder grote batterijen en flexibele opwekking, in een voorrangsgroep. Een bedrijf dat bij een vol station aankomt om te verbruiken wacht. Een bedrijf dat aankomt met het aanbod om op te slaan of te verschuiven kan anders behandeld worden. Dat is een toezichthouder die de omkering uit hoofdstuk 1 in regelgeving schrijft: stroom is uitrusting, en de uitrusting die helpt mag eerst.
Ten tweede heeft flexibiliteit nu een markt met echt geld erachter. Sinds 2026 zijn er minstens vier regionale flexibiliteitsveilingen waarin bedrijven betaald kunnen krijgen om flexibiliteit aan te bieden bij regionale congestie, en netbeheerders hebben budget om die in te kopen, met een doel van minstens €500 miljoen aan extra contracten in twee jaar. Daar komt de bestaande subsidieregeling van €166 miljoen bij, die batterijen, slimme systemen en eigen opwekking financiert voor bedrijven die in de rij staan.
Lees die twee samen en de omkering is compleet. De overheid van een rijk land betaalt haar bedrijven om deels zelfvoorzienend te worden en hun flexibiliteit terug te verkopen, en dat is elektrotech-adoptie onder een andere naam. De wachtrij is bovendien een verborgen belasting op elke andere transitie: de warmtepomp, het elektrische wagenpark, de nieuwe productielijn en de AI-ambitie komen allemaal bij hetzelfde volle station aan.
Wij vinden het de moeite waard even stil te staan bij hoe ongewoon die situatie is, want in de cijfers verdwijnt dat. Nederland heeft anderhalve eeuw lang zijn welvaart gebouwd op de aanname dat energie er is als je erom vraagt. Havens, kassen, koelhuizen, fabrieken, datacenters: allemaal gebouwd op een aansluiting die niemand hoefde te bevechten. Die aanname is nu voor het eerst sinds de elektrificatie niet meer algemeen geldig, en ze is dat niet geworden door een oorlog, een tekort aan brandstof of een storing, maar doordat de vraag sneller groeide dan koper in de grond kan. Dat is een luxeprobleem in de letterlijke zin en tegelijk een echte rem.
Wat mij bij het napluizen het meest opviel, is hoe weinig van dit alles onverwacht was. De netbeheerders waarschuwen al jaren, in openbare rapporten, met kaarten waarop de rode gebieden zich elk jaar uitbreidden. De vergunningen, de tracés en de bemensing die nodig zijn om er iets aan te doen kennen doorlooptijden die iedereen kende. Dit is geen schok die niemand zag aankomen. Het is een voorspelde beperking die traag genoeg naderde om niet urgent te voelen tot ze bindend werd, en dat is precies het patroon dat dit dossier bij de energievoorspellingen aanwijst, alleen nu met de klok de andere kant op.
Voor een bedrijf trek ik daar iets nuchters uit, en wij zouden er hetzelfde uit trekken. De wachttijden staan op de kaart, de verlichtingsdata staan in de plannen, en de regelingen om er omheen te werken bestaan. Wie in 2028 wil groeien, kan nu al opzoeken of dat op de beoogde locatie kan.
En er is inmiddels jurisprudentie. De NOS meldde op 29 april 2026 dat de rechtbank in Arnhem oordeelde dat TenneT een datacenter bij Haarlem, waarvan de aanvraag uit 2021 dateert, niet direct hoefde aan te sluiten: de veiligheid van het net gaat voor de belangen van individuele klanten, en zonder getekend contract kan een ontwikkelaar niets ontlenen aan een toezegging. Het net daar wordt pas tussen 2033 en 2035 voldoende verzwaard. Ons dossier over de AI-financiering gebruikt dezelfde zaak voor een ander argument, wat gebeurt wanneer een knelpunt echt gedeeld is.
09
7. Energie als strategie
Vijftig jaar lang betekende energiestrategie voor een gewoon bedrijf: onderhandelen over een tarief. Wij denken dat de botsing uit dit dossier er weer een directievariabele van maakt, en wij zouden drie bewegingen maken.
Wij zouden stroom als uitrusting behandelen. Panelen per pallet, opslag per container, tegen prijzen die op een bekende curve dalen. Voor een Nederlands bedrijf in de wachtrij is zon met batterij achter de meter vaak de enige capaciteitsuitbreiding die vóór 2028 beschikbaar is, en de subsidieregeling bestaat precies om dat te financieren.
Verkoop je flexibiliteit. De schaarste van het net heeft een prijs, en die betaalt aan wie belasting kan verschuiven. Google dat rekenwerk naar goedkope uren verplaatst is de bekende versie; het wagenpark om twaalf uur laden, de koelcel als batterij gebruiken, vraagsturing aanbieden bij congestie zijn de alledaagse versies, en die zijn nu beschikbaar. Sinds 2026 zijn er veilingen en een voorrangscategorie, dus dit is van slim naar structureel verschoven. Flexibiliteit is het enige energiebezit dat de wachtrij je niet kan afnemen.
Wij zouden energiekennis in het AI-plan zetten. Gaat de AI-routekaart van een organisatie uit van eindeloos goedkope rekenkracht, bedenk dan dat de grote aanbieders zichzelf indekken met zonneparken van een gigawatt en contracten voor kernenergie. Energiekosten en netaansluiting worden invoer voor digitale strategie, een zin die aan een Nederlandse bestuurstafel in 2020 absurd zou hebben geklonken.
Eén toevoeging van dit kwartaal, uit hoofdstuk 5. Rustte een inkoopbeslissing op de aanname dat paneelprijzen blijven dalen, dan houdt die aanname stand. Rustte ze op de aanname dat de aanlegcapaciteit elk jaar blijft groeien, dan niet, en wij zouden 2026 gebruiken om na te gaan welke van de twee de business case werkelijk droeg.
10
8. Waar wij het mis kunnen hebben
Een dossier dat elektriciteit als de nieuwe olie neerzet, is zijn lezers de sterkste argumenten tegen het eigen enthousiasme verschuldigd. Er zijn er vier, en hoofdstuk 5 heeft de vierde net veel concreter gemaakt.
Winter op tweeënvijftig graden noorderbreedte. Het resultaat van vrijwel continu draaien op zon met opslag is echt voor Las Vegas en betekenisloos voor Groningen in januari. De Nederlandse zonopbrengst stort in precies de weken waarin de vraag piekt, en een Noord-Europese winter overbruggen op batterijen alleen blijft economisch absurd. De realistische Nederlandse versie is wat ons betreft een portefeuille: zon plus opslag plus wind plus interconnectie plus, nog jaren, gascentrales als verzekering. Het curve-argument overleeft dat. De zelfvoorzieningsfantasie niet.
Het mineralenknelpunt. Een brandstofafhankelijkheid inruilen voor een hardware-afhankelijkheid blijft afhankelijkheid. Een handelsbreuk zou de Europese lichten niet uitdoen maar de opbouw jarenlang stilleggen. Het tegenwicht: eenmaal geïnstalleerde hardware blijft werken door elk embargo heen, wat geen vat olie ooit deed. Voorraden verslaan stromen in een crisis, en de overgangsperiode is de kwetsbaarheid.
Het net is de langste paal. Panelen zet je in maanden neer, transport duurt een decennium, en hoofdstuk 6 laat zien dat die beperking vandaag bindt. Ze werkt ook tegen de groei van zon zelf: aansluitwachtrijen voor nieuwe zonneparken zijn net zo echt als die voor fabrieken. Wie aanleg doortrekt moet accepteren dat de volgende verdubbeling afhangt van koper, vergunningen en monteurs, en die volgen de wet van Swanson niet.
Bescheidenheid over voorspellingen snijdt beide kanten op, en dit jaar sneed ze bij ons. De julieditie schreef dat exponentieel doortrekken uiteindelijk ook faalt, bij een bocht die niemand vooraf aankondigt, en merkte op dat het Chinese tempo in 2025 was afgekoeld. Een half jaar later werd die afkoeling een daling van bijna 70 procent in de grootste markt ter wereld. Wij hadden gelijk om het voorbehoud op te nemen en ongelijk over hoe snel het zou tellen.
11
9. Waar wij op letten
Of de paneelprijzen blijven dalen. Dit is de echte toets voor het betoog in dit dossier, en hoofdstuk 5 legt uit waarom het een betere toets is dan de jaarlijkse aanleg. Vlakken de kosten af terwijl het totale volume blijft stijgen, dan buigt de leercurve echt en moet alles hier opnieuw.
Of de Chinese krimp één jaar is of een regime. Een verschilcontractstelsel verandert projecteconomie, het schaft haar niet af, en markten passen zich meestal binnen een paar jaar aan. Herstelt de Chinese aanleg in 2027, dan was dit een overgang.
De aanleg buiten China. De 308 GW die voor 2026 buiten China wordt verwacht is het cijfer dat zegt of dit het beleid van één land is of een bredere ommekeer.
De Nederlandse verlichtingsdata. Beheerders beloven de eerste verlichting in 2027 tot 2028. Of die data houden bepaalt welke regionale business cases dit decennium bestaan, en de uitspraak in Arnhem suggereert dat de rechter ze niet zal versnellen.
Of de flexibiliteitsveilingen vollopen. De veilingen en het doel van €500 miljoen zijn nieuw. Bieden bedrijven daadwerkelijk mee en krijgen ze betaald, dan wordt de tweede beweging uit hoofdstuk 7 snel standaardpraktijk. Blijven de veilingen leeg, dan blijft de wachtrij het enige verhaal.
Het slotbeeld is nog steeds de botsing, en die is scherper geworden. Aan de ene kant van de wereld vouwt een bedrijf in een middag een zonnecentrale uit een container, in een markt waar de aanleg net met twee derde daalde omdat een subsidieregel veranderde. Aan de andere kant wachten vijftienduizend bedrijven op een draad, in een land dat hen inmiddels betaalt om die draad minder nodig te hebben. Dezelfde techniek, hetzelfde decennium, tegengestelde ervaringen, en het verschil is geen natuurkunde maar opbouw en politiek.
12
10. Verantwoording en bronnen
Dit dossier steunt op webonderzoek en een persoonlijk archief van meer dan 15.000 bronnen. Onderstaande tabel geeft per claim het vertrouwen en de voorbehouden. Grafieken houden Engelse labels, ook in deze editie.
| Claim | Vertrouwen | Toelichting |
|---|---|---|
| Sinds 1 juli 2026 komen ook huishoudens en kleinzakelijke afnemers in congestiegebieden op een wachtlijst; rond Eindhoven en Utrecht wachten alle aanvragen | Hoog | Netbeheer Nederland en ACM. De situatie verschilt per netvlak en verandert. |
| Zon van $101/W (1976) naar ~$0,11/W (2024); wet van Swanson 20-23 procent per verdubbeling | Hoog | Geverifieerd in ons dossier over exponentiële groei. Een verband tussen kosten en cumulatief volume, en dat is volgens hoofdstuk 5 de claim die telt. |
| Accupakketten ~$108/kWh (2025), stationaire opslag rond $70 | Hoog | BNEF-onderzoek, geverifieerd in het exponentialsdossier. |
| Wereldwijd record van 664 GW in 2025 | Middelhoog | Brancheberichtgeving. De Chinese brancheorganisatie komt voor hetzelfde jaar op 580 GW, een verschil van 84 GW tussen bronnen. |
| 2026 wordt naar verwachting de eerste jaarlijkse krimp in ruim twintig jaar; BNEF raamt 649 GW | Middel | Ramingen uit eind 2025 en begin 2026, geen uitkomsten. De bandbreedtes lopen van 500 tot 667 GW en omvatten dus zowel een scherpe daling als een bescheiden record. Dit dossier verschijnt terwijl het betreffende jaar nog loopt. |
| Chinese aanleg januari-mei 2026 op 59,59 GW, bijna 70 procent onder dezelfde periode 2025 | Middelhoog | Branchecijfers. Deeljaarcijfers zijn volatiel en de vergelijkingsbasis is een recordperiode, wat het percentage vergroot. |
| China geraamd op 180-240 GW in 2026 tegen een record van 315,07 GW in 2025 | Middel | Raming Chinese brancheorganisatie, februari 2026. |
| Aanleiding is de beleidswijziging van februari 2025 naar een verschilcontractstelsel | Middelhoog | Aangekondigd beleid en gelijktijdige analyse. Dat de daling volledig hieraan toe te schrijven is, is de gangbare lezing; ook afschakeling en netbeperkingen spelen mee. |
| Buiten China ongeveer 308 GW verwacht in 2026, met groei in India en Afrika | Middel | Raming. |
| Paneelprijzen dalen verder onder zwakke Chinese vraag | Middel | Vakpers. Richting past bij overcapaciteit; wij hebben geen prijsreeks over 2026 geverifieerd. |
| World Energy Outlook 2025 raamt een plateau van ~540 GW/jaar tot 2035 | Hoog | Berichtgeving over WEO 2025, november 2025. Hoofdstuk 5 stelt dat onze julieditie hier een slecht ontworpen toets omheen bouwde, en dat is kritiek op onszelf. |
| Datacenters ~500 TWh/jaar, ruwweg het verbruik van Duitsland; bijna verdubbeling verwacht tegen 2030 | Middelhoog | Internationaal Energieagentschap. Energieboekhouding voor datacenters verschilt sterk per afbakening. |
| Rekenkracht op de grootste enkele locatie verdubbelt ongeveer elke zeven maanden | Middelhoog | Epoch AI. |
| ~15.000 Nederlandse grootverbruikers in de rij; gemiddeld 45 weken wachttijd voor een nieuwe kleine aansluiting in 2025 | Hoog | Netbeheer Nederland en landelijke berichtgeving. |
| TenneT waarschuwde in februari 2026 dat Flevoland, Gelderland en Utrecht hun absolute grens hadden bereikt | Middelhoog | Gelijktijdige berichtgeving. |
| Netbeheerders investeren ~€235 miljard 2026-2040, elektriciteitsnetten ~€32 miljard boven eerdere begroting; ruim €100 miljard tot 2030; eerste verlichting 2027-2028, sommige regio's dicht tot 2030-2032 | Middelhoog | Investeringsplannen en berichtgeving. Plannen zijn toezeggingen, geen realisaties. |
| Sinds 2026 voorrang voor netontlastende oplossingen; minstens vier regionale flexibiliteitsveilingen; doel van minstens €500 miljoen aan extra flexcontracten in twee jaar; bestaande subsidieregeling van €166 miljoen | Middelhoog | Maatregelen van kabinet en toezichthouder, 2026. De uitwerking was op het moment van schrijven nog in beweging. |
| Rechtbank Arnhem: TenneT hoeft datacenter bij Haarlem niet direct aan te sluiten; aanvraag uit 2021; verzwaring pas 2033-2035 | Hoog | NOS, 29 april 2026. De ontwikkelaar hield hoger beroep open, dus de zaak was niet definitief. |
| China op 47 procent van de export naar het mondiale zuiden in elektrische auto's, batterijen, zon en wind (2024); dominant in de zonneketen en mineraalraffinage | Middelhoog | Ketenanalyse van het Internationaal Energieagentschap en Ember. |
| Accu's van elektrische auto's zouden rond 2030 de kortetermijnbehoefte aan netopslag kunnen dekken | Middel | Nature Communications; een doorgerekend scenario, geen aanlegvoorspelling. |
Grafieken met het label "BFF" zijn van ons, getekend uit de bronnen die eronder staan.
Dossier als pdf
Download dit dossier
Het volledige dossier als pdf, met alle figuren en de bronnenlijst. Vul je gegevens in en de download begint meteen.