01
Waarom dit, waarom nu
Pak een robotarm bij het gewricht vast en je voelt geen speling. Dat klinkt onbenullig en het is het moeilijkste stuk van de hele machine.
Een elektromotor is efficiënt wanneer hij snel en met weinig kracht draait. Een gewricht wil precies het omgekeerde: langzaam, met veel kracht, exact op zijn plek, en zonder dat er ook maar iets wiebelt. Het onderdeel dat die omzetting doet heet een reductor, en het is precisietandwielwerk en geen elektronica. In de pols, de knie en de vingers van een humanoïde zit de lastigste variant: een dunne stalen beker die bij elke beweging elastisch vervormt, miljoenen keren achter elkaar, zonder scheuren en zonder speling te ontwikkelen.
Dit dossier gaat over dat onderdeel, om een reden die op het eerste gezicht niet voor de hand ligt. Het is namelijk het enige onderdeel in een robot waarvan de wereldwijde productiecapaciteit de hele bedrijfstak tegenhoudt.
Terwijl iedereen discussieert over wat robots kunnen, ligt er een veel concretere vraag naast waar bijna niemand het over heeft: hoeveel kunnen er gebouwd worden. Epoch AI publiceerde daar in mei een analyse over, en die komt uit op een plafond van ongeveer een half miljoen humanoïden per jaar. Niet omdat de intelligentie tekortschiet, maar omdat er niet genoeg van deze tandwielkasten gemaakt kunnen worden.
Dat is de aanleiding. Er is een tweede, en die is voor Nederlandse lezers de interessantste: gehard staal op micrometers verspanen is precies wat de Nederlandse en Duitse precisie-industrie al veertig jaar doet.
Tijdlijn
- 2025 · Wereldwijd worden 16.000 humanoïden gebouwd, met een verdubbeling per half jaar.
- dec 2025 · 1X spreekt met investeerder EQT af tot 10.000 NEO-robots uit te rollen bij portfoliobedrijven tussen 2026 en 2030.
- mrt 2026 · Xiaomi meldt een auto per 76 seconden in een fabriek met ruim 700 robots.
- 30 apr 2026 · 1X opent een fabriek in Hayward, gericht op 10.000 stuks in het eerste jaar.
- mei 2026 · Figure meldt één robot per uur, een vertwintigvoudiging in minder dan vier maanden. Epoch AI publiceert zijn productieanalyse.
- jun 2026 · Onderzoekers aan Tsinghua tonen printen in 0,6 seconde met licht, op millimeterschaal.
02
Inhoud
1. Waarom er drie soorten zijn
2. Wat Europa hier al kan
3. Het plafond
4. Vijf verdubbelingen
5. Wat de geschiedenis zegt over plotselinge vraag
6. De andere beweging: fabriceren wordt goedkoper
7. Waarom die twee elkaar niet raken
8. Waar de voorsprong van China werkelijk zit
9. Wat een Nederlands maakbedrijf nu doet
10. Waar wij het mis kunnen hebben
11. Waar wij op letten
12. Verantwoording en bronnen
03
1. Waarom er drie soorten zijn
Een humanoïde gebruikt drie verschillende reductoren, en dat onderscheid doet ertoe omdat ze op verschillende machines met verschillende processen worden gemaakt.
De planetaire is de algemene variant en de makkelijkste om te produceren. De cycloïdale kan zware lasten aan en verdraagt schokken, wat je nodig hebt in een heup of een schouder. En dan is er de harmonische, in het Engels strain-wave genoemd, die vrijwel geen speling heeft en in een kleine ruimte past. Dat is wat een pols of een vinger vraagt, en het is veruit de lastigste.
Die laatste werkt op een principe dat bijna tegennatuurlijk aanvoelt. Een dunne, flexibele stalen beker wordt van binnenuit ovaal geduwd, waardoor zijn tanden op twee plekken in een starre buitenring grijpen. Draait de ovaal rond, dan rolt het contactpunt mee en beweegt de beker een fractie per omwenteling. Zo krijg je een enorme overbrenging in een plat schijfje. De prijs die je ervoor betaalt is dat het staal bij elke omwenteling elastisch vervormt, en dat moet het miljoenen keren doen zonder te vermoeien.
Volgens de analyse van Epoch zitten er 20 tot 40 van deze dingen in één humanoïde, verdeeld over de drie soorten.
Wij zouden dat getal even laten bezinken, want er volgt een rekensom uit die het hele onderwerp verandert. Een miljoen humanoïden per jaar, een aantal dat meerdere bedrijven als ambitie hebben genoemd, vraagt om twintig tot veertig miljoen precisiereductoren per jaar. De bestaande industrie maakt daar een fractie van, en het is een branche met lange kwalificatietrajecten, gespecialiseerde machines en een handvol gevestigde leveranciers.
04
2. Wat Europa hier al kan
Voordat wij naar het plafond gaan, eerst waar de Nederlandse lezer in dit verhaal staat, want dat is ongebruikelijk gunstig.
De vaardigheid die een harmonische reductor maakt is niet softwarekunde. Het is gehard staal verspanen op micrometers, warmtebehandeling waarbij het materiaal niet mag kromtrekken, meettechniek die dat kan controleren, en de kwaliteitssystemen waarmee een klant een onderdeel kwalificeert en het vervolgens tien jaar lang blind afneemt. Dat is bij elkaar geen kennis die je inkoopt door mensen aan te nemen. Het is kennis die een toeleverancier in vijftien jaar opbouwt en daarna niet meer kwijtraakt.
Nederland, Duitsland, Zwitserland en Noord-Italië bouwen die kennis al decennia, voor de machinebouw en de auto-industrie. Dat is dezelfde competentie, in dezelfde fabrieken, met dezelfde meetkamers.
Wat er in Europa niet is, is de bereidheid om capaciteit te bouwen voor een vraag waar niemand voor getekend heeft. Een fabrikant van precisieoverbrengingen die naar deze markt kijkt, ziet een categorie die elk half jaar verdubbelt, gedomineerd door bedrijven zonder leververleden, met orderboeken die grotendeels uit proefprojecten bestaan. Een productielijn erbij betekent kapitaal vastleggen met een doorlooptijd van twee jaar, tegen die achtergrond.
Voor elke afzonderlijke leverancier is wachten op vaste orders de verstandige keuze. Het optelsom-effect van iedereen die verstandig is, is precies het plafond dat in het volgende hoofdstuk staat.
Er zit nog een reden onder waarom dit in Europa anders ligt dan in Azië, en die heeft met de aard van het product te maken. Een precisieonderdeel verkoop je niet, je laat het kwalificeren. Een afnemer meet, test, laat een serie meelopen, en neemt het onderdeel daarna jarenlang af zonder er nog naar te kijken. Dat traject duurt maanden tot meer dan een jaar, en het is precies wat een gevestigde toeleverancier beschermt: wie eenmaal gekwalificeerd is, wordt zelden vervangen.
Diezelfde bescherming werkt de andere kant op zodra er een nieuwe categorie ontstaat. De kwalificatieplekken bij de bestaande leveranciers zijn schaars, want die draaien al vol voor klanten die er al twintig jaar zijn. Een robotbouwer die in de rij komt te staan bij een Duitse of Japanse tandwielfabrikant staat achter de machinebouw en de auto-industrie, en die hebben langlopende contracten.
Dat verklaart waarom verschillende robotbedrijven de afgelopen twee jaar zijn begonnen hun eigen aandrijvingen te maken. Het is geen strategische voorkeur voor verticale integratie. Het is wat je doet wanneer je de onderdelen niet kunt kopen.
05
3. Het plafond
Epoch AI stelde in mei een vraag die de bedrijfstak meestal overslaat: stel dat kapitaal en vraag onbeperkt zijn, hoe snel zou de productie van robots dan kunnen groeien?
Het antwoord komt uit op ongeveer een half miljoen humanoïden per jaar, ongeveer dertig keer de huidige productie, en de beperking zit in de reductoren. Voor viervoeters ligt het rond de driekwart miljoen.
Wat die bevinding scherper maakt is wat ernaast staat. Dezelfde analyse meldt dat camera's, sensoren, accu's en bedrading zelfs bij honderd keer de huidige productie geen wezenlijke beperking vormen. Alles waar mensen zich zorgen over maken is in orde. Het ene onderdeel dat niemand bespreekt is de muur.
Bij die scheve verdeling hoort een verklaring, want ze laat zien waarom het knelpunt zo lang onzichtbaar bleef. De publieke aandacht volgde de onderdelen die schaars waren in de vorige technologiegolf, en halfgeleiders, accu's en sensoren hebben allemaal hun moment gehad als het ding dat alles zou ophouden. Elk van die industrieën heeft daarop enorme capaciteit gebouwd en beschikt daar nu over. Precisieoverbrenging kende zo'n golf niet. Die bediende de machinebouw en de industriële automatisering, markten die gestaag en voorspelbaar groeien, en bouwde de capaciteit die daarbij hoorde. Niemand in die keten plande voor een categorie die elk half jaar verdubbelt, want tot drie jaar geleden bestond die categorie niet.
Ik ben op zoek gegaan naar een tweede, onafhankelijke schatting van die capaciteit en heb er geen gevonden. Brancheorganisaties rapporteren machinebouwproductie en robotleveringen; niemand publiceert reductorcapaciteit als reeks. Dat gemis zegt op zichzelf iets, want een onderdeel dat een hele bedrijfstak tegenhoudt heeft meestal wel een analist die het volgt. Het betekent ook dat het getal in dit hoofdstuk op één model rust, en daar komen wij in hoofdstuk 10 op terug.
Twee andere beperkingen liggen eronder, en die zijn beter oplosbaar. Een fabriek bouwen kost in China zes tot negen maanden en in westerse landen twee jaar of meer, al brengt het ombouwen van een bestaande autofabriek dat westerse cijfer terug naar zes tot tien maanden. En tien miljoen humanoïden per jaar zou zo'n 40.000 bouwvakkers vragen om de capaciteit neer te zetten, plus enkele tienduizenden mensen om haar te bedienen.

06
4. Vijf verdubbelingen
Nu de basislijn, want die zet het plafond op afstand.
Epoch komt voor 2025 uit op 16.000 gebouwde humanoïden wereldwijd, met een verdubbeling per half jaar. Viervoeters zaten op 81.000 en verdubbelden per tien maanden. Robotarmen, het industriële werkpaard dat al decennia bestaat, kwamen uit op 570.000 met een verdubbeling per acht jaar. Wielrobots zaten rond de 33 miljoen en drones rond de 16 miljoen.
Ik heb die vijf getallen bij elkaar gezet voordat ik iets anders opschreef, omdat elk stuk dat ik erover had gelezen alleen het humanoïdecijfer noemde. Naast elkaar verschijnt de vorm van de bedrijfstak. Humanoïden verdubbelen het snelst en zijn veruit het kleinst. De categorie waar iedereen over schrijft is een veertigste van de categorie waar niemand over schrijft.
Dat pleit niet tegen humanoïden. Elk half jaar verdubbelen is hoe een categorie eruitziet vlak voordat ze ertoe gaat doen, en 16.000 stuks op die curve passeert een half miljoen in ongeveer tweeënhalf jaar.
Daar zit meteen de bruikbare manier om hiernaar te kijken. De vraag is niet hoeveel robots er vandaag zijn, maar hoeveel verdubbelingen er tussen vandaag en het plafond zitten. Dat zijn er op dit moment vijf.
07
5. Wat de geschiedenis zegt over plotselinge vraag
De voor de hand liggende tegenwerping is dat beperkingen verschuiven zodra er genoeg geld op af komt. Epoch heeft dat tegen de historische gegevens gehouden in plaats van het te beweren, en wij vinden die methode nuttiger dan de uitkomst.
Ze keken naar gevallen waarin een plotselinge vraagexplosie op complexe productie botste, en maten hoeveel de jaarlijkse groeifactor veranderde. Bij Amerikaanse jachtvliegtuigen in de Tweede Wereldoorlog ging die van 1,25 naar 2,8. Bij Sovjet-tanks van 1,32 naar 1,91. Synthetische rubber, vrijwel uit het niets opgebouwd onder oorlogsprioriteit, ging van 1,0 naar 4,65. Oekraïense drones, het meest recente geval, van 1,11 naar 1,32.
Over die gevallen heen versnelt een vraagexplosie de productie met een factor 1,4 tot 2,2. Dat is een groot effect, en een begrensd effect. Het is niet de onbeperkte rekbaarheid die een voorspelling gebouwd op capaciteitsverbetering stilzwijgend aanneemt.
Vooruit toegepast komt Epoch voor 2030 uit op anderhalf tot drie miljoen humanoïden per jaar als duidelijk haalbaar, vijf tot tien miljoen als plausibel, en alles boven de vijftien miljoen alleen wanneer het uitzonderlijk goed loopt. Dat zijn scenario's en geen voorspellingen, en zo zijn ze ook gepubliceerd.
Bij die historische vergelijking hoort één voorbehoud waar wij zwaarder aan tillen dan het stuk zelf. Oorlogsproductie draaide onder omstandigheden die geen enkele markt nabootst: gegarandeerde afname, opgeschorte concurrentie, gestuurde arbeid en geen winsteis. Dat de factor onder die condities rond de twee tot vier blijft steken, maakt het een royaal plafond voor een commerciële opschaling en zeker geen voorzichtig.
08
6. De andere beweging: fabriceren wordt goedkoper
Een dossier dat hier zou stoppen vertelt de helft, want er loopt tegelijk een beweging de andere kant op, en dat is degene die de koppen haalt.
Onderzoekers aan Tsinghua meldden in juni een methode die een voorwerp in 0,6 seconde vormt door gepatroneerd licht van meerdere kanten in een bak hars te schieten, zodat het materiaal hardt waar de bundels elkaar overlappen, in plaats van laagje voor laagje. Aan de universiteit van Meiji beschrijven onderzoekers een machine die onderdelen voor zijn eigen gereedschap print, ze oppakt, monteert en er vervolgens mee werkt. Microfabrieken in een zeecontainer met verwisselbaar gereedschap zijn getoond voor zo'n vijfduizend dollar. En Xiaomi meldt een afgeronde auto per 76 seconden in een fabriek met ruim 700 robots, waarbij de carrosseriehal 381 robots telt op 20 mensen; het medium dat dat cijfer bracht tekende er zelf bij aan dat het agressief is.
Bij het meest gedeelde item van dat rijtje hoort een voorbehoud dat er stelselmatig af valt. Dat printen in 0,6 seconde gebeurt op millimeterschaal. De onderzoekers stellen zelf dat opschalen daarboven de open vraag is. Een methode die een millimetergroot voorwerp vrijwel onmiddellijk vormt is een echte vooruitgang voor bioprinten en microfabricage, en het is geen productierevolutie tot het iets is dat je met een onderdeel kunt doen.
Hoe zulke berichten reizen is consistent genoeg om te benoemen. Een laboratoriumresultaat verschijnt mét zijn schaal, zijn condities en zijn open vragen. Een week later is de schaal eraf gevallen en blijft er een filmpje over van iets dat in minder dan een seconde ontstaat, met een onderschrift over de toekomst van de maakindustrie. Ons dossier over synthetische media beschreef hetzelfde mechanisme bij fraudecijfers, en de remedie is dezelfde: lees het voorbehoud dat de onderzoekers er zelf bij zetten, want dat is vrijwel altijd de zin die is weggehaald.
Daarmee is de fabricagekant niet zacht. Printen op de werkvloer verkort de weg van ontwerp naar fysiek onderdeel echt, en het doet dat voor een soort onderdelen waar vroeger gereedschap, minimale afnames en een leveranciersrelatie voor nodig waren. Een werkplaats die vannacht een werkende beugel print doet iets waar in 2015 zes weken voor stond. Dat is een wezenlijke verandering in hoe snel een machine verbeterd kan worden, en het verklaart mede waarom humanoïde ontwerpen zo hard gegaan zijn.
09
7. Waarom die twee elkaar niet raken
Hier komt de verzoening, en het is het argument waarvoor dit dossier bestaat.
De fabricagerevolutie en het productieplafond werken op verschillende soorten onderdeel. Additief produceren is een doorbraak voor geometrie: ingewikkelde vormen, kleine aantallen, snel bijstellen, onderdelen die niet te verspanen zijn of waarvoor dat niet uit kan. Een microfabriek in een container is een uitstekende manier om beugels, behuizingen, grijpers en eenmalig gereedschap te maken.
Een harmonische reductor is niets van dat alles. Het is een onderdeel in hoge aantallen, met hoge precisie en zware eisen aan het materiaal, waarvan de hele waarde in maatvastheid zit onder herhaalde elastische vervorming. Het wordt geslepen en gehard op gespecialiseerde machines met lange kwalificatietrajecten. Niets aan het in 0,6 seconde vormen van een onderdeel raakt dat proces, en een microfabriek van vijfduizend dollar evenmin.
Beide verhalen kloppen dus, en ze gaan over verschillende dingen. De kosten van een vórm maken storten in. De kosten van een precies vertande, vermoeiingsbestendige overbrenging op schaal doen dat niet, en dat tweede is waar een robot voor het grootste deel uit bestaat.
Er is een bruikbare manier om elke nieuwe fabricageclaim hiertegen te toetsen. Vraag welke van drie dingen ze verandert: de prijs van een vorm, de prijs van een tolerantie, of de prijs van een aantal. Additieve methodes hebben de eerste omgegooid en de tweede nauwelijks geraakt. Precisieoverbrenging is volledig een vraagstuk van de tweede en de derde.
Datzelfde verklaart waarom de fabricagerevolutie zo zichtbaar is in prototypes en zo weinig in de kostprijs. Sneller kunnen bijstellen is een voordeel in de ontwerpfase. Reductorcapaciteit is een beperking in de productiefase. Een bedrijf kan tien keer sneller itereren en nog steeds dezelfde achttien maanden op tandwielkasten wachten, en verschillende bedrijven doen dat op dit moment.
10
8. Waar de voorsprong van China werkelijk zit
De geografische vraag volgt rechtstreeks uit de twee vorige hoofdstukken, en het antwoord is specifieker dan het gebruikelijke.
De Chinese voorsprong in deze categorie zit niet in de eerste plaats in loonkosten en niet in subsidie. Ze zit erin dat een fabriek daar in zes tot negen maanden staat en in de meeste westerse landen twee jaar of langer kost, en dat de toeleverketen voor precisieonderdelen dicht op elkaar zit en al op volume draait voor de machinebouw en de auto-industrie.
Ons dossier over de andere AI-race betoogde dat de Verenigde Staten intelligentie exporteren en China de machines van het elektrische tijdperk. Reductoren zijn dat patroon in het klein. De intelligentie in een humanoïde wordt bulkgoed en is steeds vaker open; de tandwielkast is geen van beide.
Wij zouden daar één nuance bij zetten die in de gebruikelijke discussie ontbreekt. De hoogste precisieklasse in overbrengingen komt op dit moment nog steeds grotendeels uit Japan en Duitsland, niet uit China. Wat China heeft is de middenklasse op volume, en dat is voor een humanoïde vaak genoeg: van de twintig tot veertig reductoren in zo'n machine hoeven er maar een handvol de zwaarste specificatie te halen.
Daar zit dan ook de werkelijke wedloop, en het is een saaie. Ze gaat niet over wie de beste reductor maakt, maar over wie er genoeg kan maken die goed genoeg zijn. Dat is precies het patroon dat wij in het elektrotech-dossier bij zonnepanelen beschreven: niet de beste cel wint, maar de cel die per jaar in de grootste aantallen van de band rolt tegen een acceptabele kwaliteit.
11
9. Wat een Nederlands maakbedrijf nu doet
Dit dossier is strategischer dan operationeel, dus vier manieren van kijken in plaats van een lijst met aanschaffingen.
Lees een capaciteitsaankondiging als capaciteit en niet als levering. Eén robot per uur en tienduizend stuks in het eerste jaar zijn uitspraken over het ontwerppunt van een fabriek, gedaan door het bedrijf dat die fabriek bezit. Het cijfer dat wij zouden volgen is wat er aan derden is geleverd, en dat wordt veel minder vaak gepubliceerd.
Kijk naar de componentlaag en niet naar de robotlaag. Zijn reductoren de bindende beperking, dan zijn de informatieve berichten van de komende twee jaar die over reductorcapaciteit, nieuwe toetreders in precisieoverbrenging en de kwalificatie van alternatieve ontwerpen. Die verschijnen in de vakpers van de machinebouw en niet in technologiejournalistiek.
Neem de verdubbelingstijd als maat, niet het aantal. Zestienduizend stuks is een klein getal en een halfjaarlijkse verdubbeling is een snel getal, en het tweede telt zwaarder. De vraag voor een directie is niet hoeveel robots er nu bestaan maar hoeveel verdubbelingen er tussen vandaag en de beperking zitten.
En scheid de twee verhalen wanneer ze samen binnenkomen. Een fabricagedemonstratie en een productieaankondiging lijken hetzelfde verhaal en zijn het niet. De toets is eenvoudig: maakt deze techniek een precisieoverbrenging goedkoper op volume? Zo nee, dan gaat het over vorm, en dat is interessant zonder dat het het plafond verschuift.
Voor wie in de precisie-industrie zit ligt daar bovendien een beslissing en geen observatie. Wie als eerste beweegt draagt het risico dat de vraag uitblijft; wie als laatste beweegt vindt de kwalificatieplekken bezet. Dat is een werkelijk moeilijke afweging en wij doen niet alsof het anders is. Maar het is een afweging over een onderdeel, gemaakt door bedrijven die al bestaan, en niet over de vraag of robots ooit de was gaan opvouwen.
12
10. Waar wij het mis kunnen hebben
De beperking kan omzeild worden in plaats van vergroot. Ons hele betoog behandelt reductorcapaciteit als het plafond. Verschillende groepen melden werk aan directe aandrijving waarbij de overbrenging met hoge verhouding grotendeels verdwijnt, waarbij precisie wordt ingeruild voor meegaandheid en regeltechniek. Komt die aanpak tot wasdom, dan is het knelpunt waar wij een dossier op hebben gebouwd een ontwerpkeuze in plaats van een muur.
De analyse van Epoch is één model. Het getal van een half miljoen, de historische factoren en de bandbreedtes voor 2030 komen alle uit één gepubliceerde analyse. Ze is zorgvuldig en haar methode staat erbij, en ze is niet onafhankelijk herhaald. Wij hebben er zwaar op geleund omdat het het enige werk is dat wij vonden dat deze vraag kwantitatief stelt, en dat is een reden voor voorzichtigheid en niet voor vertrouwen.
De Chinese capaciteit kan groter zijn dan aangenomen. Precisieonderdelen zijn minder zichtbaar dan eindmontage, en capaciteitscijfers daarvoor zijn afgeleid en niet gerapporteerd. Ligt de binnenlandse capaciteit hoger dan gedacht, dan verschuift het plafond en wordt de geografische scheefheid groter in plaats van bindend.
Het plafond is misschien een prijs en geen muur. Wij hebben reductorcapaciteit als harde grens beschreven, en beperkingen in volwassen industrieën uiten zich meestal eerst in de prijs. Loopt de vraag op drie keer het aanbod, dan stopt de productie waarschijnlijk niet bij een half miljoen, maar worden reductoren fors duurder, komt dat in de prijs van een robot terecht, en klaart de markt op een kleiner aantal dan de prognoses aannemen. Dat is een ander argument dan het onze, het wijst dezelfde kant op, en het mechanisme telt wel degelijk als jij degene bent die een prijs moet zetten.
En de vraag is er misschien gewoon niet. Dit hele dossier neemt aan dat de vraag bestaat en vraagt of het aanbod kan volgen. De orderboeken die tot nu toe zijn gepubliceerd bestaan grotendeels uit uitrolafspraken en proefprojecten in plaats van aankopen, en een beperking die bij een half miljoen stuks per jaar knelt doet er niet toe als de markt er vijftigduizend wil.
13
11. Waar wij op letten
Aankondigingen over reductorcapaciteit. Nieuwe fabrieken, nieuwe toetreders, of een geloofwaardige kwalificatie van een minder precies alternatief. Dat is het getal dat het plafond verschuift, en het verschijnt eerder in de vakpers van de machinebouw dan elders.
Leveringen aan derden in plaats van productiecapaciteit. Het gat tussen het ontwerppunt van een fabriek en wat er daadwerkelijk bij klanten staat, is waar de komende anderhalf jaar van dit verhaal zich afspeelt.
Of iemand reductorcapaciteit als reeks gaat publiceren. Nu wordt ze afgeleid en niet gepubliceerd, en daarom rust het centrale cijfer in dit dossier op één model. Een brancheorganisatie of analist die er een kwartaalcijfer van maakt, verandert hoe deze hele vraag te bespreken is.
Of robotbouwers hun aandrijvingen zelf blijven maken. Verticale integratie is nu een noodgreep. Blijft het zo, dan verschuift de bedrijfstak richting een handvol partijen die alles zelf doen; komt er capaciteit vrij bij gespecialiseerde toeleveranciers, dan ontstaat de normale gelaagde keten die de machinebouw ook heeft, en gaat het sneller.
En de westerse bouwtijd, inclusief de netaansluiting. Epoch zet westerse fabrieksbouw op twee jaar, of zes tot tien maanden bij ombouw van een autofabriek. Of iemand in Europa die ombouw werkelijk uitvoert, en hoe lang de aansluiting op het stroomnet dan duurt, is de praktische toets of dit werelddeel hier überhaupt aan meedoet.
14
12. Verantwoording en bronnen
| Claim | Vertrouwen | Noot |
|---|---|---|
| Productie 2025: 16.000 humanoïden (verdubbeling per 6 maanden); 81.000 viervoeters (per 10 maanden); 570.000 robotarmen (per 8 jaar); ~33 miljoen wielrobots; ~16 miljoen drones | Hoog | Productieanalyse van Epoch AI, mei 2026. Schattingen met gepubliceerde methode. |
| Precisiereductoren zijn het dichtst bij een bindende beperking; de capaciteit legt humanoïden vast rond 500.000 stuks per jaar, ongeveer 30 keer de huidige productie, en viervoeters rond 750.000 | Hoog | Zelfde bron. De dragende claim van dit dossier, en ze rust op één analyse. |
| Een humanoïde vraagt 20 tot 40 reductoren, verdeeld over planetair, cycloïdaal en harmonisch | Hoog | Zelfde bron. |
| Camera's, sensoren, accu's en bedrading vormen zelfs bij honderd keer de huidige productie geen wezenlijke beperking | Hoog | Zelfde bron, en de bevinding die de reductor isoleert. |
| Fabrieksbouw duurt 6 tot 9 maanden in China en 2 jaar of meer in westerse landen; ombouw van een autofabriek brengt dat westerse cijfer naar 6 tot 10 maanden | Hoog | Zelfde bron. |
| Tien miljoen humanoïden per jaar vraagt ongeveer 40.000 bouwvakkers en 40.000 tot 120.000 operationele medewerkers | Middel-hoog | Zelfde bron. Een modelmatige afleiding, geen waarneming. |
| Historische vraagexplosies versnelden complexe productie met een factor 1,4 tot 2,2: jachtvliegtuigen 1,25 naar 2,8; Sovjet-tanks 1,32 naar 1,91; synthetische rubber 1,0 naar 4,65; Oekraïense drones 1,11 naar 1,32 | Hoog | Zelfde bron. Wij voegen toe dat oorlogscondities een royaal plafond opleveren voor een commerciële opschaling en geen voorzichtig. |
| Voor 2030: 1,5 tot 3 miljoen humanoïden per jaar duidelijk haalbaar, 5 tot 10 miljoen plausibel, boven 15 miljoen alleen bij uitzonderlijk verloop | Middel-hoog | Zelfde bron, gepubliceerd als scenario's na een hypothetische vraagexplosie eind 2027. Als scenario gedragen. |
| Figure: één robot per uur bij BotQ in mei 2026, tegen één per dag minder dan 120 dagen eerder; fabriek ontworpen op 12.000 stuks per jaar met een genoemd pad naar 100.000 | Hoog | Aankondiging van Figure zelf en gelijktijdige berichtgeving. Een bedrijf dat zijn eigen capaciteit beschrijft. |
| 1X opende op 30 april 2026 een verticaal geïntegreerde fabriek in Hayward, gericht op 10.000 NEO-eenheden in het eerste jaar en meer dan 100.000 tegen eind 2027 | Hoog | Persbericht van 1X. Een capaciteitsdoel, geen levering. |
| 1X sprak in december 2025 met EQT af tot 10.000 NEO-eenheden uit te rollen bij portfoliobedrijven tussen 2026 en 2030 | Middel-hoog | Bedrijfsaankondiging. Een uitrolafspraak, geen inkooporder. |
| Tsinghua toonde volumetrisch printen van voorwerpen in 0,6 seconde met gepatroneerd licht | Middel | Gelijktijdige berichtgeving, juni 2026. Millimeterschaal. De onderzoekers stellen dat opschalen daarboven de open vraag is, en dat voorbehoud weglaten verandert de claim. |
| Functgraph aan de universiteit van Meiji print onderdelen voor eigen gereedschap, monteert ze en gebruikt ze | Middel | Gelijktijdige berichtgeving. Een onderzoeksopstelling, geen product. |
| Microfabrieken in een container met verwisselbaar gereedschap rond de vijfduizend dollar | Laag tot middel | Eén demonstratie en een claim van de aanbieder. Als illustratie gedragen en niet als bewijs. |
| Xiaomi meldt een auto per 76 seconden met ruim 700 robots; 381 robots op 20 mensen in de carrosseriehal | Laag tot middel | Gelijktijdige berichtgeving, maart 2026, waarin het cijfer zelf agressief werd genoemd. Als bedrijfsclaim gedragen. |
| "10.000 orders in de eerste vijf dagen" voor de 1X NEO | Niet gebruikt | Terug te voeren op één bericht op sociale media en niet terug te vinden in de aankondiging van het bedrijf zelf. De geverifieerde 10.000 is de uitrolafspraak met EQT. |
| Verschillende robotbedrijven maken hun aandrijvingen zelf; 1X beschrijft zijn fabriek in Hayward als verticaal geïntegreerd, met eigen motoren, accupakketten, pezen en handen | Middel | Bedrijfsaankondiging van 1X. Dat dit voor de bredere bedrijfstak geldt is onze gevolgtrekking uit het knelpunt, geen gemeten patroon. |
| De hoogste precisieklasse in overbrengingen komt overwegend uit Japan en Duitsland; China is sterk in de middenklasse op volume | Middel, deels afgeleid | Algemeen bekend in de branche en consistent met waar de gevestigde fabrikanten zitten. Wij hebben er in deze ronde geen marktaandeelcijfer voor gevonden en dragen het als context, niet als meting. |
| Van de 20 tot 40 reductoren in een humanoïde hoeft maar een deel de zwaarste specificatie te halen | Middel | Volgt uit het onderscheid tussen de drie soorten in de Epoch-analyse. Een redenering, geen gepubliceerd cijfer. |
Grafieken met het label "BFF" zijn van ons, getekend uit de bronnen die eronder staan.
Dossier als pdf
Download dit dossier
Het volledige dossier als pdf, met alle figuren en de bronnenlijst. Vul je gegevens in en de download begint meteen.